Dennentakje

Ooit heb ik een keer een excursie met een boswachter gehad. Eén van de dingen die ik mij nog goed kan herinneren is zijn uitleg over naaldbomen.

“Er bestaat een ezelsbruggetje om de namen van de verschillende naaldbomen te onthouden,” zei hij. Het was een forse olijke man die voorheen politieman in Rotterdam was geweest. Waar hij maar kon maakte hij een grap. Mijn mondhoeken krulden zich elke keer gespannen omhoog. Hij keek je namelijk recht aan bij deze grappen en grollen. Alsof die grap voor jou bedoeld was. Helaas beschik ik niet over het vermogen grappen te begrijpen. Ik vind ze zelden of nooit leuk. Dit kan op een onvermogen duiden. Of op een verschil in smaak.

Maar goed. Toen hij begon te spreken over een ezelsbruggetje raakte ik toch geïnteresseerd. Ik ben dol op ezelsbruggetjes.

“Het zit namelijk zo,” vertelde hij: “er zijn drie verschillende soorten naaldbomen. Hoe kan je die herkennen?” Hij keek de groep rond en ik was bang dat er weer een grap aan zat te komen.

Maar gelukkig ging hij door met zijn verhaal.

“Je telt het aantal naalden per holte. Er zijn daarbij drie woorden die je moet onthouden: solo, duo en legio. Solo is één naald per holte, duo zijn twee naalden per holte en legio zijn velen naalden per holte.” Stilte. Hij keek de groep rond. Begreep iedereen het? Hij ging verder:”Solo is de Spar, duo is de Den, legio is de Larix.” Is dat niet een ontzettend leuk bedenksel van mij, leek hij nog te willen zeggen. Gelukkig zei hij niets.

Maar toegegeven, ik vond het een verhelderende uitleg. Natuurlijk volgde er daarna weer een grap over mensen die als solo of duo door het leven gaan. Hij was daar duidelijk erg mee bezig.

Een ander aandachtspunt van mij was zijn broek. Hij droeg namelijk een strakke paarse leren broek. Dat leidde mij enorm af. Waarom kon die man niet een gewone degelijke groene boswachtersbroek dragen? Ik keek rond of anderen ook last van zijn broek hadden. Maar de meeste mensen luisterden  geïnteresseerd naar zijn verhaal en lachte hartelijk om zijn ‘warme’ grappen. Niemand leek die broek überhaupt op te merken. Ik pakte een paar naalden van de grond en begon ze driftig te tellen. Hopende dat ik mijn concentratie wat kon verleggen.

Gisteren liep ik door De Bosjes van Poot’ (zie wandeling) en zag een bosje dennennaalden liggen. Ik raapte het op en vroeg mij af of ik het ezelsbruggetje kon toepassen. Ik telde. Twee naalden per holte. Het leek mij een duo, een Den.

Dennentakje

Maar klopte dat wel? Was dit wel een Den? Ik keek naar de boom. Die leek helemaal niet op een Den.

Is dit wel een Den?

Had ik de naalden wel goed geteld? Ik begon te twijfelen. Want de Dennenboom die ik ken ziet er toch echt anders uit.

Misschien had ik toch wat beter moeten opletten.

Wortel van een Dennenboom?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.