Greens

Gras bij Greens

Je woont in een stad. Maar eigenlijk verlang je naar het platteland. De stilte. De rust. De natuur. 

Wat doe je dan eigenlijk in de stad?

Gelukkig zijn er toch plekken in Den Haag waar je die rust ervaart. Waar je de stilte hoort. Waar je het groen in je op kan nemen.

Zo’n plek is ‘De Waterkant’. Een café met terras in het gras aan het water in het Westbroekpark. 

Te bereiken via een pondje.

Zo’n aankomst is al erg idyllisch. Het lijkt alsof je vanuit het vaste land op een eiland aankomt. Ver weg van de bewoonde wereld. In een onaangeroerd stuk natuur.

Toch enigszins ontnuchterend te ontdekken dat er ook een ingang via het Westbroekpark is. Weliswaar alleen te voet, maar toch. 

Het Westbroekpark, waar ‘De Waterkant’ dus onderdeel van is, is een Engels aandoend park, aangelegd in de twintiger jaren van de vorige eeuw en twintig hectare groot. 

Het is een plezier daar rond te wandelen. Frisgroene grasperken, kleurige bloemen, fantasievolle struiken, sierlijke vijvers, kwakende kikkers, vogels, beelden, bomen mooi gegroepeerd en een wereldberoemd rosarium.

In de zomer staan daar de meest bijzondere rozen te concurreren met elkaar. Rozen uit heel de wereld gaan dan de strijd aan wie de mooiste is.

Veel verschil zie ik niet. Rozen zijn rozen. En ze ruiken lekker. Maar dat zal zeker met mijn ‘niet weten’ te maken hebben.

In de zomermaanden is het druk op het terras. Families, koppels, expats, vrienden strijken neer. En drinken een wijntje of zitten aan een verlate lunch.

Maar In de ochtenden blijft het rustig. Net als de zon bibberig omhoog kruipt. Dan pak ik een stoeltje. En ga zitten. Met een drankje.

Dat zijn de momenten dat ik kan staren, dromen, fantaseren en genieten. Dat zijn de momenten dat ik vergeet dat ik in een stad woon. Dat ik ver weg ben van de drukte. Dat ik even tot mijzelf kan komen.

Een tijd geleden verstoorde iemand mijn rustige momentje met de vraag of ik een midgetgolfbaan kende.

Een midgetgolfbaan? Wat een rare vraag voor zo’n plek. Ik keek verstoord op. 

Eigenlijk wou ik die vraag met ‘nee’ beantwoorden. Zij het niet dat ik op mijn tochten naar ‘De Waterkant’ enkele keren vanuit mijn ooghoeken ‘iets’ had gezien. 

Gek hoe je bewustzijn werkt. Want ineens realiseerde ik mij dat dat ‘iets’ een bordje bij een verwilderd stukje grond was met het woord ‘midgetgolf’ erop.

Omdat ik het niet zeker wist besloot ik daar een keer te gaan kijken. 

Samen met iemand anders.

En verdraaid.

Er bleek een heuse midgetgolfbaan. En niet zo’n kleine ook. Verstopt achter grote groene struiken. Er was alleen niemand.

Na even rondkijken en wachten hoorde we toch wat geritsel. En ja, er verscheen een man. Hij had meer het uiterlijk van een zwerver dan van een sportliefhebber. Maar dat mocht de pret niet drukken. Hij was de eigenaar van de midgetgolfbaan.

En hij had van alles te vertellen. Over een brand. Die alles kapot had gemaakt. 

Maar wij lieten ons niet van de wijs brengen. We vroegen om een stick en ballen want wij wouden wel een potje spelen.

We liepen de baan op.

Al snel bleek dat we hier niet voor niks waren. De ene baan was nog spectaculairder dan de andere.

Hoofden waar je doorheen moest slaan, grillige figuren waar je balletje zich omheen moest wringen, sprongen over plasjes, basketbalnetjes. Niks was te gek. Voor de golfliefhebber een echt walhalla.

Zei het niet dat de banen groen zagen van het mos, overwoekerd waren door takken, blaadjes de bal deden vertragen, nummeringen waren weggevaagd, plassen in het grind lagen en het geheel iets treurigs had. Al snel had ik mijn bal van de baan geslagen en kon ik hem niet meer terugvinden. Mijn broek zag zwart van de val die ik had gemaakt. 

Het was duidelijk dat deze baan niet werd onderhouden. Van brandsporen zagen we niks. Maar van verval des te meer.

Aan het eind van ons potje namen we een drankje. Oude thee en koffie in een plastic bekertje met deuk.

Nu, jaren later, sta ik weer voor dit terrein. De midgetgolfbaan is niet meer. Alles is anders.

Er staat een kas en ik zie een terras. Maar er is ook veel groen. En goed onderhouden. Er blijkt een lunchroom te zijn. Greens. Met een biologische keuken en kruiden zoveel mogelijk uit eigen tuin.

Terras voor Greens

Ik ga op een stoel in het zonnetje zitten. En bestel een drankje. De mensen zijn aardig. Er heerst een gemoedelijk sfeer. Voor gezinnen is dit de ultieme plek. Want behalve de grote tuin waar kinderen kunnen dartelen is er nog een grote speelplaats achter met toestellen.

Stoelen in het zonnetje

Ik denk terug aan hoe het hier geweest is. Wat een verschil. Wat zou er met de vorige eigenaar zijn gebeurd?

Na een half uur wachten blijkt dat de ober mij vergeten is. Hij verontschuldigt zich en komt even later terug met wat extra heerlijkheden.

De mensen die in de tuin werken hebben een afstand tot de arbeidsmarkt las ik. Ik zie ze niet. Maar ze zullen allicht ergens zijn. 

Uitzicht op de tuin

Geen midgetgolfbaan meer. Maar wel een lekkere plek om te zitten.

Vond je dit een leuke blog? Vul dan hieronder je e-mailadres in en druk op de zwarte knop. Dan krijg je bericht zodra mijn nieuwste blog online is.

Geef een reactie

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.