Sneeuwplezier in de Haagse duinen

Wat een weer! Wat een pracht!

Ik kijk om mij heen en rust even uit op mijn slee. In het zonnetje. Dat is het voordeel van een slee bij je hebben. Je hebt altijd een bankje.

Ik ben vroeg weggegaan om zo weinig mogelijk mensen tegen te komen. En, dat is gelukt. Oude sleesporen leiden mij naar de beste plekken. Hoge heuvels waar ik met een lekkere snelheid vanaf kan roetsjen.

Nog vroeg in de ochtend

Maar ja, kan dat eigenlijk wel? Volwassenen die sleeën?

Jonge vaders zie ik nog wel eens met hun kind op de slee zitten. Maar mannen alleen? Of vrouwen?

Enfin. Ik blijf het leuk vinden. En vooral in deze tijd is een extra verzetje ook geen overbodige luxe.

De duinen zijn prachtig. Met het wit, de vogeltjes, de stilte en de strakblauwe lucht.

Al sleeënd vervolg ik mijn pad. Heuveltje op, heuveltje af.

Het valt mij op dat je wel voorzichtig moet zijn met het sleeën. Want er is altijd wel een boom of schrikdraad wat in de weg staat.

En het sturen beheers ik ook niet echt.

Ik heb namelijk zo’n ouderwetse houten slee.

‘Met je voeten op de grond’! wordt er altijd geroepen.

‘Met je voeten sturen! Hielen op de grond!’

Goed, je gaat dus op de slee zitten en stuurt dan losjes met je hielen op de grond. Ik laat mij naar beneden glijden.

Maar zo simpel is het niet. Want bij de eerste hiel op de grond draai ik al meteen een pirouette. Schokkend kom ik in een halve draai tot stilstand. 

Dat moet anders kunnen.

Dan nog maar een keer proberen.

Enigszins verkrampt zit ik op de slee. Het is heerlijk om hard naar beneden te gaan. Maar het is niet fijn om bezig te zijn met bomen ontwijken.

Gelukkig vind ik later de perfecte heuvel. Geen boom, alleen maar een struik en verder veel ruimte om alle kanten op te vliegen.

Met het zonnetje boven mij laat ik mij lachend naar beneden glijden.

Dit is het leven!

Even krijg ik het gevoel alsof ik op vakantie ben. Weg van Nederland. Met de zon. De sneeuw. De natuur. De stilte. De vogels. Heerlijk.

Dan zet ik mijn slee neer in de zon. En ga er op zitten.

Een grijs koppel passeert mij. 

“Komen ze niet?”, vragen ze mij. Ze bedoelen vast de kinderen die willen gaan sleeën. Helaas moet ik ze melden dat ik diegene ben die aan het sleeën is.

“Ah”, zegt de man.

Ze draaien zich om. En kijken naar de vlakte.

Hun op een kat lijkend hondje snuffelt aan mijn been.

“Kom Jonny, kom!”, zegt de man. Maar ik vind het niet erg.

Een langslopend dreinend kind op de slee is niet tot bedaren te brengen. De opa is radeloos en vraagt van hem alles: “wil je chocomel, wil je terug naar huis, wil je nog een keer sleeën, moet ik je dragen, vind je het niet leuk, wil je stoppen?”

Het duizelt mij en het kind gaat alleen maar harder huilen. De zon schijnt op mijn gezicht.

Dan tilt de opa zijn kleinkind op en loopt verder.

Ik hoor veel vogeltjes. Verder is het stil. Het lijkt of de sneeuw de aarde wat rust geeft.

Ik probeer het geluid van een specht vast te leggen. Het vrolijke getik.

Achter mij schreeuwt een kauw er op los.

Voetstappen van wandelaars. Die kijken, maar zeggen niets. Het wordt koud. Nog een laatste daling met de slee voordat ik naar huis ga.

En dan is het tijd om naar huis te gaan.

Ik passeer nog een vuilnisbak. Althans, een deksel, want dat is het enige wat er van over is gebleven.

Er staat iets op de deksel geschreven:

‘Politie staat
Angstcultuur 1984′.

Wat zouden ze daarmee bedoelen?

Wat later zie ik een bord wat het verduidelijkt.

Als ik de duinen uitloop en even later de Valkenboskade in ga zie ik een heuse iglo!

Twee vaders hebben zich enorm uitgesloofd.

“Een mannending,” zegt één van de vaders tegen mij.

Er ligt karton op de grond en een houten frame tegen het plafond. Met kratjes gevuld met sneeuw hebben ze dit huisje voor de kinderen gemaakt. Wat een leuke vaders!

2 Replies to “Sneeuwplezier in de Haagse duinen”

Geef een reactie

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.