Koningsdag

Band op vrijmarkt

Als ik aan Koningsdag denk, denk ik aan een centraal gelegen punt in de stad waar allemaal kraampjes te vinden zijn: pleinen, straten, steegjes, grachten, alles bezaaid met kleedjes. Geen verkeer, geen fietsers maar wel veel mensen met spulletjes. Mensen die al een dag van te voren op een door hun met krijt getekende rechthoek zitten te wachten op de officiële opening van het feest. Mensen die al wandelend biertjes met elkaar drinken en met elkaar afspreken op favoriete plekken aan de gracht. Iedereen die het naar zijn zin heeft, op de deze vooravond van Koningsdag. De avond dat de vrijmarkt officieel begint. Ik heb het over Utrecht. De stad waar ik jaren heb gewoond.

Met deze verwachting ging ik de Haagse koningsdag in. Jaren geleden. Naar het centrum toe voor de vrijmarkt. Ik had gehoord van een Koninginnenacht.

Maar, er waren helemaal geen stalletjes te vinden op Koninginnenacht. Wel veel dronken mensen en  podia met bands die zo hard speelde dat je elkaar nauwelijks kon verstaan. Na een paar uur zoeken kwam ik toen tot de conclusie dat er geen vrijmarkt bestond in Den Haag. In ieder geval niet op de avond ervoor. Dan maar op Koningsdag zelf proberen.

De volgende ochtend ging ik vol goede moed weer naar het centrum. Ik verwachtte dat het centrum afgezet en afgeladen met kleedjes en spulletjes zou zijn. Niks van dat alles. Een paar commerciële verkoopkramen en nog wat eetkramen was alles wat ik kon vinden. Zeer teleurgesteld ben ik toen weer naar huis gegaan.

Nu, vijftien jaar later snap ik eindelijk hoe het hier in elkaar steekt. Er zijn zeker vrijmarkten te vinden. Maar niet één grote centrale. Ze zijn verdeeld over de stad. Zo heb je er één in de Boekhorststraat en omgeving (Oude Centrum en Schilderswijk). Een hele grote in de Fred (Statenkwartier). Waarom zo groot? Omdat de Fred een enorm lange straat is. Een centrale plek is daar niet  te vinden want je loopt in een stroom van mensen van het begin naar het einde van de straat. En als je terug wil moet je oversteken om aan de overkant terug te kunnen lopen. Mensen ontmoeten zit er niet in.  Want even terug naar een pleintje lopen is geen optie.

Dan heb je nog een paar piepkleine buurt vrijmarkten zoals op de Thomsonlaan (Bomenbuurt). Leuk voor een kwartiertje maar dan heb je het ook weer gezien.

Ik miste het ‘wij’ gevoel in deze stad. Er leek hier in Den Haag niet echt ruimte voor een gezamenlijke ontmoetingsplek.

Dit jaar ging ik naar het Belgisch Park. Een wijk in stadsdeel Scheveningen. Een chique wijk met veel expats, prachtige huizen, mooie tuinen en parken. Terwijl ik de straat overstak zag ik ineens het Kurhaus. In één rechte lijn. Ik begreep dat ik hier niet ver van het strand moest zijn.

Kurhaus

Op het moment dat ik het eerste straatje indook om de vrijmarkt te verkennen wist ik dat ik hier goed zat. Hier liepen kinderen met zelfgemaakte cakejes, zaten jong en oud hun spullen te verkopen, was het een wirwar van straatjes met kleedjes, waren mensen vrolijk, hoorde ik muziek en zat de stemming er goed in.

Vrijmarkt Belgisch Park

Hier werd Koningsdag gevierd zoals ik het wou vieren. Vergelijkbaar met een uitgebreide brocante markt in een Frans dorpje waar het hele dorp er op uit trekt om zijn waar te verkopen. Waar een tent met bier en worst is, waar mensen op een terras kunnen zitten, waar je iets kunt kopen en later op kan halen, waar je rustig drie keer dezelfde straat heen en terug kan lopen. Waar mensen elkaar aanspreken en blij met elkaar zijn. Hier was feest. Hier moest ik zijn. 

Jongen achter keyboard

Ik heb foto’s genomen en een paar geluidsfragmenten gemaakt. Die zal ik later ook laten horen omdat ik wil gaan experimenteren met de geluiden van deze stad.

Mensen op een terras op de vrijmarkt

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.