Sprookje

Soms weet ik niet precies wat of waar ik naar toe zal wandelen. Dan loop ik wat richtingsloos rond op zoek naar iets wat mij zou kunnen interesseren.

Zoals vandaag. Ik sta aan de Suezkade bij tramhalte 11 en weet niet goed welke kant ik op zal gaan.

Een bankje met uitzicht op de
Suezkade

Voor mij staan een paar banken. Duiven doen zich tegoed aan wat kruimels. De tram is net weg.

Aan de overkant staan grote oude huizen met sierlijke gevels.

Ik loop wat heen en weer en zie dan dicht bij de grond een bordje hangen met de tekst: Meer groen? Zelf doen!

‘Meer groen? Zelf doen!’

Op zich een niet zo’n heel bijzondere tekst. Zij het niet dat het stukje grond achter dit bordje een voorbeeld van ‘meer groen zelf doen’ moet voorstellen. Een openbaar minituintje, claustrofobisch ingeklemd tussen twee hoge muren, bezaaid met witte papiertjes.

Ik kijk op hun website: ‘meergroenzelfdoen.nl‘:

‘Deze site is voor iedereen die in de eigen (stedelijke) woonomgeving meer groen wil. In eigen tuin, op de stoep of gevel, op het balkon, in de straat. Wellicht ook op verwaarloosde plekken wat verder van huis.

Aha, dat lijkt in de buurt te komen. Verwaarloosde plekken opknappen. 

De vraag is alleen of dit tuintje al onderhanden is genomen en wacht op het juiste seizoen of roept om een nieuwe verzorger.

En, mag je zomaar iets planten op openbare grond?

In het Valkenboskwartier waar ik woon, zie ik steeds meer mensen tuintjes om bomen maken. Een klein stukje grond. Portiekbewoners leven zich helemaal uit. Bloemen, kruiden, struikjes, fruit, gras, teksten, van alles zie je. Soms ook vogelvoederbakjes of water voor een zieke meeuw. Er worden hekjes omheen geplaatst zodat de honden daar niet hun behoeftes kunnen doen. Met andere woorden, ‘dat stukje groen is nu van mij’ lijken ze daarmee aan te geven.

Maar mag dat eigenlijk wel? Kan je jezelf zomaar stukjes grond toe-eigenen? Mag ik wat tegels uit een stoep wippen en zeggen, zo, ik ga hier tomaten planten?

Naast dit ‘tuintje’ waar ik nu ben staat een snackbar. Biologische frieten staat er op de gevel.

Deze snackbar-kiosk heeft niet
echt een naam

Zou dat de naam zijn van deze kiosk zijn? Het klinkt heerlijk. Maar om dit als naam te gebruiken lijkt mij onwaarschijnlijk. Want naast deze tekst staat nog een tekst, maar dan iets kleiner: ‘Vietnamese loempia’s speciaal’.

Er is wat vreemds met die tweede tekst. ‘Vietnamese loempia speciaal’. Het lijkt een samentrekking van Vietnamese loempia en patatje speciaal. Dat ken ik niet. Meestal koop je of een Vietnamese loempia, of een patatje speciaal. Hebben we hier te maken met een vergissing of met met een unieke integratie snack?

De graffiti op het huisje maakt het er niet veel duidelijker op. Een Amerikaanse hotdog met een patatje speciaal. Alhoewel, waar is de Vietnamese loempia gebleven?

Graffiti op de snackbar

Ik ga via de Reinkenstraat naar het Sweelinckplein waar ik een paar dagen geleden ook nog ben geweest (zie blog).

Daar zie ik een klein onopvallend bronzen beeldje staan. Op een sokkel.

Een mooi beeld ‘Sprookje’
op het Sweelinckplein

Ik loop er naar toe. Het lijkt een klein gesluierd vrouwtje te zijn. Wat heeft ze mooie uitdrukking, Zo rustig en vredig als ze de wereld in kijkt. Als ik voor haar sta kijkt ze naar mij. 

Haar handen zijn gevouwen tot een kommetje. wat zou er in haar omgaan?

 ‘Alsjeblieft, help mij’?

Ik maak twee keer een foto van haar. In de ene foto versmelt ze met de kleuren van haar omgeving en kijkt ze mij indringend aan.

In de andere foto trekken de kleuren op de achtergrond mijn aandacht en lijkt ze langs mij heen te kijken.

Gek, hoe je zo’n beeld van verschillende kanten kan bekijken en dat je steeds wat anders ervaart.

Het beeld heet ‘Sprookje’ en is gemaakt door Jan van Kralingen in 1950.

Geef een reactie

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.